Reportage

Gepost op 25 april 2016 | door Jan Eef

0

Samen leven in de Jan Eef

Sinds enkele jaren voert de Baarsjes samen met Amsterdam-Noord de lijstjes van hipste buurten van de stad aan. Doordat de buurtsamenstelling de afgelopen jaren veranderde, veranderde ook de winkelstraat (of was het andersom)? De Baarsjes werd een ‘gemengde buurt’? Maar zijn we ondertussen ook echt gemengd geraakt? Buurtbewoner Milena Mulders ging op onderzoek uit.

Mensen zijn kuddedieren. Maar hoe gescheiden onze werelden ook kunnen zijn, in de publieke ruimte moeten we het samen doen. Ik vroeg me af hoe dat in de Jan Evertsenstraat gaat, waar de straat de gemeenschappelijke deler is. Volgens visboer Kees Kwakman is de Jan Eef een gemengde straat waar iedereen prima naast elkaar leeft. ‘Mensen irriteren zich aan de dagelijkse dingen, zoals de scooters op het fietspad en de wildgroei van de fietsen, niet aan elkaar.’ Kwakman zag de straat de afgelopen vijfendertig jaar veranderen van Amsterdamse straat tot multiculturele én hippe buurt. In zijn winkel ontvangt hij álle mensen. ‘Voedsel verbindt hè, en vis helemaal.’

Rennen
Ook Mehmet van Anil Wooninterieur heeft klanten uit alle windrichtingen, waaronder veel mensen uit Zuidoost. ‘Dat komt doordat ik adverteer op de Surinaamse radio.’ Natuurlijk weten ook Turken zijn winkel te vinden. Hij wijst naar één van zijn klanten. ‘Hij komt hier iedere dag voor een praatje. Toen hij laatst een dag niet was geweest, heb ik hem gebeld. Hij zei: “Ik ben niet goed, ik heb hulp nodig.” Ik ben meteen naar hem toe gegaan. Maar ik heb ook goede contacten met Nederlandse mensen. En ook voor hen zou ik rennen als ze me nodig hebben.’
Botsingen tussen culturen en irritaties tussen mensen ziet hij eigenlijk nooit, behalve die keer dat hij zijn laatste sigaret niet wilde weggeven: ‘Dat liep helemaal uit de hand. Maar het ergste vond ik dat ik werd uitgescholden voor “kutturk”. Hoezo kutTURK?’

Sociale mix
Jan Rath, stadssocioloog, is optimistisch over buurten als de Baarsjes. ‘Voor de leefbaarheid in de stad is het belangrijk dat er verschillen zijn. Dat geldt dus ook voor de kleren die we dragen, voor het geloof dat we hebben, voor de vrienden die we uitzoeken of voor het consumeren van consumptiegoederen. Als ik zelf in het buitenland op zoek ben naar een plek om koffie te drinken, dan zoek ik een plek die ik herken. Daarvan weet ik namelijk wat ik kan verwachten, op het gebied van sfeer, kwaliteit, en – heel belangrijk – de andere gasten. Een gastarbeider zal je niet snel vinden in een hippe koffietent want die heeft behoefte aan heel andere dingen. Mijn moeder zal je daar evenmin vinden. Ieder mens zoekt wat hij herkent en waar hij zich bij thuis voelt.’

In Het Parool zei Rath ooit dat de sociale mix weinig voorstelt in de buurten waar de van overheidswege gewenste vermenging tot stand is gekomen, zeker in de wijken waar verschillende culturen elkaar ontmoeten. ‘In de praktijk zie je dat de nieuwe bewoners diversiteit vooral leuk vinden om naar te kijken. Ze vinden het ontzettend leuk dat er een Marokkaanse winkel in de straat zit, maar hun bakje olijven kopen ze vervolgens toch gewoon bij Albert Heijn. De exotische tintjes dienen vooral als decor.’
Ik moet helaas bekennen dat Rath wel een punt heeft. Ook ik koop mijn olijven bij de AH. Maar ik kom dus ook niet bij White Label Coffee omdat ik denk dat ik daar niet hoor.

‘Eigen soort’
Benieuwd naar de ervaringen van anderen, leg ik contact met Ouafae. Ze woont pas drie jaar in De Baarsjes maar wil hier nu al nooit meer weg. ‘Ik kom uit een dorp waar wij de enige Marokkanen waren. Toen ik hier kwam, realiseerde ik me dat ik nooit helemaal mezelf had kunnen zijn. Daar was ik alleen Nederlands. Hier kan ik Nederlands én Marokkaans zijn.’ In de praktijk betekent dat dat ze zich in álle kringen begeeft. ‘Ik hou heel erg van cafeetjes en uit eten gaan en dat kan hier heel goed. Ik probeer alles uit, ook de dingen die ik niet ken. Ik ga net zo gemakkelijk naar White Label Coffee als naar de nieuwe La Tajinerie op het Mercatorplein.’ Ze herkent echter ook de (zere?) plek waar ik mijn vinger op probeer te leggen: het opzoeken van onze ‘eigen soort’. Maar volgens haar heeft dat niks met cultuur te maken, maar met opvoeding en karakter.

Nieuw publiek
Een van de eerste hippe winkels in de Jan Evertsenstraat was Things I Like Things I Love. Eigenaresse Petra: ‘Ik zat hier in eerste instantie omdat ik een opslag zocht, maar al snel werd duidelijk dat het de perfecte locatie was voor een winkel.’ Iedereen om haar heen vroeg zich af waar ze in hemelsnaam aan begon. In die buurt?! Inmiddels wonen en werken haar klanten ook in deze buurt. ‘Ze hebben geen tijd en zin om naar de stad te gaan en ze weten dat ze bij ons altijd slagen.’
Wat nog niet goed lukt is om meer diversiteit in haar winkel te krijgen. ‘Ik denk dat we mensen onbewust op afstand hebben gehouden door ons te presenteren als vintage winkel. Nu we dat niet meer zijn, denk ik dat het vanzelf zal gaan. Een nieuw publiek zal ons op den duur weten te vinden.’

Cultureel divers
Een ondernemer die heel goed weet hoe je moet ondernemen in een gemengde wijk, is Dries Boussatta van onder andere Buongiorno. Zijn koffietent op de Jan Eef was een van de eerste koffietenten in de straat en was direct succesvol. Inmiddels telt de Jan Evertsenstraat twee Buongiorno’s en wanneer je er ook komt, het is er altijd druk. En het publiek is cultureel divers. Ook Ouafae komt er regelmatig. Het succes van de koffieketen is volgens haar simpel te verklaren: ‘Behalve dat Dries een bekende ex-voetballer is, is hij zelf van Marokkaanse afkomst. Zijn personeel is ook cultureel divers. Het assortiment is kindvriendelijk en houdt rekening met halal. In deze tijd gewoon een heel goed concept.’

In de Jan Eef scharrelen we naast elkaar, langs elkaar, om elkaar. Iedereen zoekt wat hij/zij herkent en soms kruisen onze werelden. Gezamenlijkheid vinden we in onze gedeelde irritaties en in winkels die producten verkopen die we allemaal nodig hebben. Er zijn behoudende mensen, zoals ikzelf, die uit gemakzucht de neiging hebben om te kiezen voor veilig en bekend. Er zijn ondernemers die zich naar binnen keren, maar er zijn ook pioniers zoals Dries Boussatta en de jongens van T’s, voor wie culturele diversiteit al lang een vanzelfsprekendheid is. En er zijn mensen zoals Ouafae, die gewoon willen genieten en ontdekken. Samen leven: in de Jan Eef wordt het op dit moment uitgevonden!

Foto’s: Alfred Boer/ Milena Mulders

 

Tags: , , ,




Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar boven ↑
  • Buurtagenda

    no event


  • Tweets van Jan Eef